Vroeger thuis lachten we veel. Uitsluitend uit. Waarmee ik wil zeggen dat we uitlachten, bijvoorbeeld de kat. De kat was nogal bangig en had het aan de stok met een stoer beest 5 deuren verderop. Tot onze vreugde had onze anti-held vaak een pak slaag te incasseren. De overbuurvrouw zorgde ook voor vermaak, hoe ze haar dochter voortrok ten koste van haar zoon. En dat bevriende echtpaar dat stond te zoenen in hun eigen keuken, was grappig. Ik bedoel, dan ben je volwassen en je hebt twee kinderen, dan ga je toch niet staan zoenen zeg!
We scherpten onze kritiek en onze meningen aan elkaar, kruisten dagelijks verbaal de degens. Het stond goed om een ander de mond te snoeren, de oren te wassen met doorwrochte veroordelingen, vonden wij.
Vele jaren later, toen ik zelfstandig was en het interieur van mijn leven zelf mocht kiezen, besloot ik om de oordelen bij het grof vuil te zetten. Sterker nog, zelfs de meningen deed ik de deur uit.
Wat een opluchting. Ik hoefde niet langer ’s nachts mijn argumenten te repeteren. Ik kon met kinderlijke verwondering alle fenomenen beschouwen, zonder me een mening te hoeven vormen, terwijl anderen over elkaar heen vielen in het verzinnen van snedige opinies en het verdedigen daarvan. Wat zalig om niet langer te hoeven nadenken, slechts te genieten van de caleidoscoop van menselijke mogelijkheden.
Sommigen bewonderen me erom, dat oordeelloze. Het schijnt wel zen te zijn ofzo. Maar mijn zoon vindt het saai. Als hij thuiskomt van school, geïrriteerd over een achterlijke leraar of een gestoorde klasgenoot, wil hij graag mijn instemming. Die krijgt hij niet, hoe vaak hij ook probeert me ertoe te verleiden. Want ik heb geen oordelen en erger me dus nooit.
Bijna nooit. Ik sta mezelf 1 uitzondering toe. Het betreft de accordeonist voor de Lidl.
We hebben hier een AH en een Lidl. De AH is een prettige winkel, de Lidl is goedkoop. Ik bezoek ze dus beide. Wat een ellende toen die accordeonist binnen gehoorsafstand van de Lidl post vatte. Wortel schoot. Onverwoestbaar aanwezig bleef, zelfs bij tegenweer en ontij.
Hebben die lui in de Balkan een speciale training gehad ofzo, dat zelfs hagel en storm ze niet weg krijgen? Hij leek wel waterproof, net als het wanorgel dat hij zo’n 16 uur per dag zat te verkrachten. Begrijp me goed, ik houd van muziek, zelfs van accordeonmuziek uit het oostblok.
Maar dan heb ik het over muziek, niet over het dilettantistische gepruts van een voormalige loodgieter die een neef van de broer van de grootvader van de overbuurman eens had horen zeggen dat je in het westen grof geld kunt verdienen met een accordeon op schoot. Die niet had begrepen dat het enige vaardigheid vereist om wat fatsoenlijks uit het kreng te trekken.
Deze man, ik zweer het, presteerde niets. En als dat ‘niets’ nu enige variatie bood was het nog wat. Dan had je als leek nog kunnen denken dat hij Schonberg speelde. Maar dag in dag uit het zelfde mis geschoten ondeuntje in dezelfde toonsoort van niet meer dan 4 maten te moeten aanhoren! Als je aan kwam fietsen, als je snel- snel om maar zoveel mogelijk te mogen missen de fiets op slot zette, als je een karretje uit de rij rukte, als je de schuifdeur binnen struikelde, maar godbetert nog steeds als je weer naar buiten kwam, nu een stuk trager helaas, want zwaar beladen. Ik mag werkelijk hopen dat hij in de rest van zijn leven niet zo liederlijk tekort schoot als daar bij de schuifdeur van de Lidl.
Wat het allemaal nog erger maakte, was die hardnekkige met goud gevulde grijns, als hij de achterkant van mijn zeer nadrukkelijk afgewende hoofd groette. Niet een keer, nee, alle keren dat ik daar kwam, in alle maanden dat hij de omgeving van de Lidl auditief zat te bevuilen. Hoe achterlijk kun je zijn.
Ik heb het gevierd met een schwarzwalder kirschentorte van de Lidl, toen hij uit het straatbeeld verdween. De accordeonloze dagen regen zich aaneen tot weken. De zon was doorgebroken, mijn zenuwen konden zich herstellen!
Ik bad tot alle denkbare goden dat hij maar weg mocht blijven bij de Lidl. Maar deskundigen beweren wel dat je juist die dingen aantrekt die je aandacht geeft. Misschien hebben ze gelijk. Hij is recentelijk mijn leven weer komen verpesten. Nu zit hij bij de AH.
